zaterdag 21 februari 2015

De bloedvloeiende vrouw en Jezus

Er klinkt een stille schreeuw
die door geen mens wordt gehoord.
Een schreeuw vol pijn door jaren
van eenzaamheid; door ziekte onrein.
Een stille schreeuw om wat 12 jaar bloeden
met haar en haar leven heeft gedaan.
En nu, verwachting, hoop en geloof,
dat slechts één aanraking genoeg zal zijn.

In diepe eenzaamheid gaat zij haar weg.
Schuw  en schichtig ziet ze om zich heen.
Niemand mag haar aanraken;
onrein, onrein, onrein!
Bij een ieder die zij tegenkomt,
kruipt ze moedeloos en verdrietig ineen.

Alles, alles heeft ze geprobeerd.
Berooid is ze achtergebleven.
Niemand die haar nog helpen kan;
voorbij, geen geld, geen hulp!
Niemand ziet meer haar verdriet,
of de zinloosheid van haar leven.

En nu is daar die Man die wonderen doet.
De één na de ander wordt door Hem genezen!
Zou ze? Ach, wat heeft ze te verliezen?
Nieuwe hoop ontluikt!
Stilletjes nadert ze Hem van achteren,
angstig als ze is om opnieuw te worden afgewezen,

Er is er Eén Die oog heeft voor alles wat verloren is;
Die oog heeft voor de outcasts en verschoppelingen.
Er is er Eén, Die verder ziet dan wat ogen zien.
Er is er Eén, Die kwam juist voor de geringe.

Er is er Eén, Die niets liever wil dan dat mijn hart
geraakt wordt zoals dat van Hem
voor wat verloren is, verstoten, zwak of geschaad;
die als Hij, de noodkreet hoort van een wanhopig stem.

Ze werkt zich door de menigte en haar hand
raakt aan de zoom van Zijn kleed.
Zijn kracht doorstroomt haar,
genezing wordt haar deel;
licht breekt door in haar donkere bestaan;
ze heeft weer uitzicht na zoveel leed.

‘Wie, wie heeft Mij aangeraakt?’
De ogen van de Man gaan zoekend rond.
Kracht was van Hem uitgegaan
bij de aanraking van een vrouw
met een uit vertwijfeling geboren geloof,
maar waardoor zij wel genezing vond.

Zijn kracht werd haar kracht,
haar onreinheid nam Hij aan.
Maar nog even, dan hangt Hij te bloeden
aan het kruis op Golgotha en zal
de onreinheid van de gehele wereld
Hem de dood in doen gaan.

Jezus,
Hij gaf Zijn leven in ruil
voor dat van jou en mij.
Daarvoor kwam Hij,
ja, kwam Hij heel speciaal.
Zijn lijden en sterven maakt ons zo
van zonden voor eeuwig vrij.

Dank U wel, Heer Jezus, voor Uw lijden,
dank U wel, dat U stierf voor mij.
Dank U wel, voor Uw liefde en genade,
door Uw vergoten bloed ben ik gered en vrij.


‘Mijn dochter, (Mijn zoon)
je geloof heeft je behouden;
heb goede moed
en ga in vrede heen!
je hebt nieuwe hoop 
en een nieuwe toekomst
ligt voor je open;
je bent nimmermeer alleen.



Uit de serie: Onderweg naar Pasen
(Het gedicht in zijn geheel)
Lees meer op Into Your Hands:
>> Dag 1 - Hoop
>> Dag 2 - Verschoppeling(en)
>> Dag 3 - Genezen, gered
>> Dag 4 - In ere hersteld

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen